Meneer Wiljan
 
(Advertentie voor leraar of ouder)
(Advertentie voor leraar of ouder)

Vermenigvuldigen is iets wat je altijd zult tegenkomen. Daarom is het handig om de tafels 1 t/m 10 goed te kennen.

 

Dit zal niet alleen goed van pas komen in het dagelijks leven, ook voor het uitrekenen van sommen zal het hierdoor een stuk sneller gaan.

 

Ook voor het vermenigvuldigen zijn er verschillende manieren om het handig te doen:

- Omkeren

- Splitsen

- Schakelen

- Vermenigvuldigen met nullen

- Verdelen

- Vergroten en verkleinen

 

Daarnaast kan je ook gebruik maken van kolomsgewijs en cijferend vermenigvuldigen. Deze uitleg vind je hieronder.

(Advertentie voor leraar of ouder)

Op deze pagina leer je hoe je op verschillende manieren vermenigvuldigsommen kunt uitrekenen.

Net als bij het optellen, mag je bij vermenigvuldigen omkeren

 

Zo is het bij vermenigvuldigen vaak handiger om het kleine getal vooraan te zetten en het grote getal achteraan. Zo hoef je het getal 'minder vaak' te vermenigvuldigen.

 

Dus in plaats van: 

37 x 3 =

3 x 37 =

(Advertentie voor leraar of ouder)
In welke situatie is er correct gebruik gemaakt van omkeren?
46 x 3 =
Splitsen kan je vergelijken met het rechthoekmodel. Je haalt hierbij de tientallen en eenheden los van elkaar en vermenigvuldigt deze. Daarna tel je de antwoorden bij elkaar op.
In welke situatie is correct gebruik gemaakt van splitsen?
8 x 47 =
(Advertentie voor leraar of ouder)
Bij schakelen haal je een getal van de vermenigvuldiging uit elkaar, met een andere vermenigvuldiging. (16= 4x4)
Met deze getallen vermenigvuldig je het andere getal.
(Advertentie voor leraar of ouder)
(Advertentie voor leraar of ouder)
Bij het vermenigvuldigen met nullen is er een trucje. De hoeveelheid nullen dat er achter het getal staat, komt ook achter het antwoord.

Let op!
5 x 2 = 10
5 x 20 = 100
6 x 7.000.000 =
Bij verdelen vermenigvuldig je het getal met een rond getal die in de buurt ligt.
Let daar bij wel op, dat je bij het antwoord er vaak nog iets op of af moet halen.
Bij het vergroten en verkleinen, vergroot je het ene getal een aantal maal en verklein je andere getal hetzelfde aantal maal als bij het vergroten.